Algemeen

Financiële samenvatting

We verdelen onze vermogenspositie in drie onderwerpen, die we hierna toelichten:

  1. eigen vermogen;
  2. vreemd vermogen;
  3. weerstandsvermogen.

Eigen vermogen
In het meerjarenperspectief daalt het eigen vermogen van € 36,5 miljoen eind 2026 naar € 34,5 miljoen eind 2030. Het eigen vermogen is opgebouwd uit algemene reserves en bestemmingsreserves. De algemene reserves bestaan uit de concernreserve en de reserve weerstandsvermogen. De concernreserve heeft geen vastgestelde bestemming en is daarmee ook het vrij besteedbare deel van de reserves. De reserve weerstandsvermogen is bedoeld om financiële risico's op te vangen. De bestemmingsreserves kunnen alleen worden ingezet voor de bestemming waarover is besloten bij het instellingsbesluit of wijzigingsbesluit.

In de financiële begroting is in het onderdeel Mutaties reserves per programma een overzicht opgenomen van alle wijzigingen in de verschillende reserves. In de bijlage Reserves en voorzieningen is het totaaloverzicht van de algemene reserves en bestemmingsreserves opgenomen.

De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer tussen het eigen vermogen en het totale vermogen. De solvabiliteitsratio bedraagt in 2027 26,1 procent. Dit betekent dat 26,1 procent van het gemeentebezit met eigen vermogen is gefinancierd. De ratio daalt naar 17,8 procent in 2030. De daling van de solvabiliteitsratio betekent dat een steeds kleiner deel van het gemeentelijk vermogen met eigen vermogen is gefinancierd. Volgens de signaalwaarden van de provincie is de solvabiliteit in 2027 neutraal.

De provincie Zuid-Holland staat onder voorwaarden toe dat jaarlijks maximaal 10 procent van het surplus van het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve wordt ingezet ter dekking van structurele lasten. Hiervoor moet onder meer de weerstandsratio minimaal 1,0 bedragen en moet de solvabiliteitsratio in het jaar van inzet minimaal 20 procent zijn. De inzet moet bovendien vooraf worden afgestemd met de toezichthouder.

De tabel toont de solvabiliteitsratio in de periode 2026-2030.

Prognose per 31 december

2026

2027

2028

2029

2030

Eigen vermogen (A)

36.464

37.022

37.508

36.543

34.515

Totaal vermogen (B)

114.818

141.799

164.894

180.263

193.685

Solvabiliteitsratio (A/B)

31,8%

26,1%

22,7%

20,3%

17,8%

(Bedragen x € 1.000)

Vreemd vermogen
Het vreemd vermogen is opgebouwd uit voorzieningen en schulden.

Voorzieningen
De stand van de voorzieningen bedraagt per 1 januari 2027 € 19,3 miljoen en daalt in 4 jaar tijd naar € 13,5 miljoen. Voor de toelichting hierop verwijzen we naar de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen en de bijlage Reserves en voorzieningen.

Schulden
De schulden van de gemeente Voorschoten bestaan uit langlopende en kortlopende geldleningen. Op de langlopende geldleningen lossen we jaarlijks af. Voorschoten zal naar verwachting per 1 januari 2027 voor € 42,9 miljoen aan langlopende geldleningen aangetrokken hebben. Er worden geen rekening-courant leningen aangetrokken. De netto schuldquote is op 1 januari 2027 42,4 procent, neemt in 2027 toe tot 74,8 procent en eindigt eind 2030 op 147,9 procent. Eind 2030 bedraagt de omvang van de lang aangetrokken financiering naar verwachting € 122,1 miljoen. Voor een uitgebreide toelichting verwijzen we naar de paragraaf Financiering.

Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen is het vermogen dat de gemeente nodig heeft om tegenvallers op te vangen zonder substantiële beleidsaanpassingen. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde capaciteit ten opzichte van de Jaarrekening 2025 is verslechterd. Bij de jaarstukken 2025 was deze 3,6 en bij de begroting 2027 geldt een ratio weerstandsvermogen van 1,8. Meer hierover leest u in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Deze pagina is gebouwd op 10/09/2026 18:45:25 met de export van 10/09/2026 18:38:04