Het gemeentelijke beleid, gevat in de Nota schuldenbeheersing biedt afwegingskaders om de schuldpositie ten opzichte van het voorzieningenniveau in de gemeente af te wegen. In het huidige beleid staat de grens van de netto schuldquote op 130 procent. Deze hanteren we op dit moment om te voorkomen dat er risico op hoge schuldendruk ontstaat. Op basis van deze begroting wordt naar verwachting in 2029 de 130 procent grens van de netto schuldquote overschreden. Hierdoor moet opnieuw de afweging worden gemaakt hoe de schuldpositie en de investeringen ten behoeve van voorzieningen zich tot elkaar verhouden en welke normering past bij de gemeentelijke opgaven.
Om de rentekosten laag te houden, doen we een zo groot mogelijk beroep op het rekening-courantkrediet van de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en overige (korte termijn)mogelijkheden, voor zover deze bij de huidige rentestructuur goedkoper zijn dan het BNG-rekening-couranttarief. Deze wijze van financiering wordt beperkt door het maximale bedrag aan kortlopende financiering: de kasgeldlimiet. Daarnaast zijn de verwachtingen voor de ontwikkeling van de geld- en kapitaalmarktrente belangrijk bij het bepalen van het moment en de looptijd van aan te trekken financieringsmiddelen. Als het rekening-courantkrediet is gebruikt en bij overschrijding van de toegestane termijn van drie opvolgende kwartalen van de kasgeldlimiet, betreden we op basis van de financieringsbehoefte en de liquiditeitenplanning de kapitaalmarkt om langlopende financieringsmiddelen aan te trekken.
